Om 8 uur bij de Ark

Ergens op een heel koude plek op de wereld wonen drie pinguïns. De pinguïns zijn heel goed in ruzie maken. Ze mopperen, ze schoppen en vechten alsof dat het enige is dat ze kunnen. Maar dat is ook niet gek als er nooit iets te beleven valt. Maar dan komt de dag dat alles anders wordt. Het begint met de gele vlinder. De kleine pinguïn is boos en wil deze mooie vlinder dood maken. De andere pinguïns zeggen dat dit niet mag. Van God niet.

Zo begint het gesprek over God. Wie is God precies en wat moet Hij van de pinguïns? Ziet Hij wat ze doen? Heeft Hij echt goede oren en een goed geheugen? Of is Hij misschien allang weer vergeten dat de pinguïns ruzie hadden? De kleine pinguïn loopt boos weg. Zijn vrienden verzinnen maar iets om hem bang te maken. Of toch niet?

Dan komt er een duif bij de twee overgebleven pinguïns met speciale tickets voor op de Ark van Noach. Want God is het zat dat Hij alles altijd drie keer moet zeggen en dat de mensen en dieren altijd maar ruzie maken. Dat wil God niet meer. Dus God gaat een grote zondvloed sturen. Van ieder diersoort mogen er twee dieren op de grote Ark komen. Ze moeten er uiterlijk om 8 uur zijn. Zij overleven de grote regenstroom. En de anderen… Nou je zegt het zelf maar wat er met hen gebeuren zal.

De twee pinguïns willen zeker niet verdrinken. Dus natuurlijk zullen ze zorgen dat ze om 8 uur bij de Ark zijn. Maar hoe zit dat met de kleine pinguïn dan? Moet hij niet mee? Dat zal duif wel nooit goed vinden en Noach vast ook niet. En dan hebben we het nog niet eens over God…. Ze stoppen kleine pinguïn in een koffer en zo begint het avontuur voor de pinguïns.

Zal God het de pinguïns vergeven dat ze stiekem een extra pinguïn meenemen op de Ark? En wat is er mis met duif? Kunnen ze het wel geheim houden voor duif dat ze iemand meesmokkelen? Want wat zal er gebeuren als hij hen betrapt?

Lees mee met mij in Om 8 uur bij de Ark!!